Esports zijn populairder dan ooit, en er zijn steeds méér en grotere evenementen waar deze competitief gespeelde videogames in de spotlights staan. De Esports Foundation heeft nu de status van “National Team Partner” gegeven aan organisaties en partijen uit meer dan 100 landen. Daarmee zet de organisatie een stevige stap richting een wereldwijd esportstoernooi.
Het nieuwe toernooi heet de Esports Nations Cup en wordt van 2 tot en met 29 november 2026 voor de eerste keer gehouden in Riyadh. En voor het eerst doen er officiële nationale teams mee, die het tegen elkaar opnemen in een duidelijke competitiestructuur.
Esports veranderen in een internationale aangelegenheid
Wat is hier zo bijzonder aan? De esportsbranche draaide tot nu toe vooral om wedstrijden en toernooien tussen losse organisaties en teams. Met dit nieuwe systeem ga je spelers zien die hun land vertegenwoordigen, net zoals bij traditionele sporten. Het gaat dus niet meer alleen om teams of merken, maar ook om de nationale trots en de bestaande rivaliteit tussen bepaalde landen.
Volgens directeur Ralf Reichert van de Esports Foundation is dit een historisch moment. Zo’n groot en goed georganiseerd platform voor nationale teams heeft esports nog niet eerder gehad. En de interesse is ook enorm: er waren meer dan 630 aanmeldingen uit 150 landen en gebieden. Uiteindelijk zijn er partners gekozen uit meer dan 100 landen. Dat laat zien hoe groot de behoefte is aan een overkoepelend internationaal format voor elektronische sporten.
Die partners spelen een belangrijke rol: ze gaan nationale teams opbouwen, spelers selecteren en de lokale community activeren. Ook moeten ze zorgen voor groei op de lange termijn, bijvoorbeeld door talentontwikkeling en het organiseren van competities. De Esports Foundation wil hiervoor samenwerken met regionale structuren binnen de sport- en gamingwereld, zodat zoveel mogelijk landen mee kunnen doen.
Competitie moet nationale esportsorganisaties boosten
Wat ook interessant is: er is geen standaardaanpak die voor elk land gaat gelden. Alle aspecten van de nieuwe internationale competities worden aangepast aan hoe esports lokaal georganiseerd is. In sommige landen heb je sterke esportsbonden, zoals in Zuid-Korea of Saudi-Arabië. In dat laatste land worden esportsevenementen sterk gestimuleerd door kroonprins Mohammed bin Salman, zelf een groot fan van de games.
In andere landen draait het meer om clubs, zoals in de VS of Brazilië. En er zijn ook mixvormen, bijvoorbeeld in Duitsland en Canada. In opkomende esportslanden zoals Indonesië en Mongolië wordt de ontwikkeling van de scene zelfs actief ondersteund. Het is niet duidelijk in hoeverre de Esports Foundation zich hiervoor zal wenden tot de aanbieders van weddenschappen op esports.
Een nieuw hoofdstuk voor het verhaal van de esports
Voor de fans betekent dit ook een heel nieuw soort competitie. In plaats van kleinschalige clubwedstrijden kijk je straks naar landelijke teams die het tegen elkaar opnemen. Extra leuk daarbij is het dat veel nationale teams, net als bij fysieke sporten, uitblinken binnen bepaalde ‘disciplines’. Denk aan Zuid-Korea dat vaak domineert in League of Legends, Brazilië dat sterk is in Counter-Strike, Japan met zijn succes bij fighting games en Zuidoost-Azië dat goed scoort bij mobile games. Al die verschillende specialismes en regio’s komen nu samen op één podium.
Kort gezegd: esports krijgt er een compleet nieuwe dimensie bij. De strijd tussen nationale teams brengt hele nieuwe elementen in de scene en geeft fans een nieuwe manier om mee te leven. Of dit echt een blijvend succes wordt, dat moet natuurlijk nog blijken. Maar één ding is duidelijk: esports blijven zich doorontwikkelen, en landelijke organisaties gaan daarbij waarschijnlijk een steeds grotere rol spelen.
